Lekker lang nakauwen op ‘Een Zwarte Pool’

Spelscène met Izaäk Wondergem (Seiffert) en Wilma Selen (Lilly)

GEZIEN: Vrijdag 24 mei 2019, Minitheater Middelburg:  ‘Een Zwarte Pool’; De Zeeuwse Komedie; tekst: Karst Woudstra; regie: Marieke van Dijk; Spel: Wilma Selen, Izaäk Wondergem, Jeffrey Limburg, Mels Hoogenboom, Jolanda Kasse.

Het is zo’n stuk waar je lekker lang op kunt nakauwen en dat deden we dan ook in klein comité gisteravond direct na de première en op de terugweg naar huis. Duidelijk dus dat ‘Een Zwarte Pool’ in elk geval iets bij ons teweeg heeft gebracht. Op sommige punten blijken de meningen verdeeld. Eens zijn we het wel over de vraag of dit stuk dat in 1992 is geschreven anno 2019 nog gespeeld kan worden. Ja, waarom niet? Marieke van Dijk heeft vaardig het communisme van toen ontweken en die summiere verwijzingen naar Lech Wales, glasnost en perestrojka kan het publiek best aan. Met wat driftig gehanteerde mobieltjes erbij kan het stuk gewoon ook over mensen van nu gaan. Want daar draait het natuurlijk ook om: menselijke relaties, het mislukken daarin, onvervulde levensverwachtingen, teleurstellingen en leegheid, heel veel leegheid.

Zo zijn daar twee stellen: Lilly en Seiffert en Daan en Marguérite. Elk van hen gaat anders om hun lege leven en hun teleurstellingen. Lilly is hard, koud en gevoelloos ten opzichte van haar man Seiffert. Haar persoonlijke motor lijkt alleen nog te draaien op de lustgevoelens die zij koestert voor Daan en waar ze heel ver in gaat. Maar voor Daan hoeft het allang niet meer, hij heeft haar gedumpt. Ook de vriendschap met Seiffert lijkt hij zat te zijn. Daans enthousiasme vlamt vrijwel uitsluitend nog op als hij het over zijn kinderen en hun belevingswereld heeft. Met Lilly en Daan voel je als toeschouwer dan ook weinig verbinding. Het zijn lege, verbitterde personages die niks meer te bevechten hebben en daardoor vrij één-dimensionaal blijven. De regisseur volgt hierin ongetwijfeld ook de bedoeling van de auteur, want zo’n positieve kijk heeft Woudstra niet op de mensheid.

Seiffert manifesteert zich als zielige stumper, maar weet uiteindelijk toch ook wat mededogen op te wekken. Hij maakt als personage wel enige ontwikkeling door en als toeschouwer gun je hem de kans op ontsnapping uit zijn sombere bestaantje. Dat gaat Marguérite niet lukken. Achter al haar uitgesponnen meningen over gezond eten en leven, de angst voor de toekomst en het omgaan met elkaar schuilt een enorme onzekerheid over hoe ze als mens nou echt in het leven moet staan. De rol van Marguérite wordt vrij bombastisch neergezet, wellicht ook een keuze van de regie om de eenzaamheid en onzekerheid van deze vrouw nog wat extra te benadrukken.

Jeffrey Limburg in zijn rol van de Poolse student Zygmynt.

Een prachtig contrast met die vier uitgebluste personages biedt de Zwarte Pool, een frisse, ongecompliceerde jonge vent nog bruisend van levensvreugde. Een dankbare rol ook, omdat hij veel tegenwicht kan bieden en vol zit met spelmogelijkheden. Jeffrey Limburg wist dat alles met gretigheid en veel talent goed uit te buiten. Hij bekijkt die merkwaardige mensen om hem heen met oprechte verwondering, zonder direct een oordeel over hen te vellen, maar het lachje om zijn mond verraadt heel subtiel dat hij wel iets van ze vindt.

Het stuk zal in de loop van de opvoeringsreeks ongetwijfeld nog wat groeien in de onderlinge scherpte tussen de spelers. Vooral na de pauze in de scène met de  ‘crosstalk’ met twee dialogen door elkaar zou de snelheid nog flink omhoog moeten. Dat er nu te veel op elkaar werd gewacht, zal te wijten zijn aan premièrespanning.

De voorstelling dwingt respect af voor de keuze, de aanpak en de spelprestaties. Het stuk biedt geen happy end. Als publiek zul je tevreden moeten zijn dat er in elk geval ‘een knip’ komt in een onhoudbare situatie. En dat je op ‘Een Zwarte Pool’ dus lekker lang kunt nakauwen.

Nog te zien op: zo 26 mei (14.30), vr, 31 mei (20.00), zo 2 juni (14.30), vr. 7 juni (20.00), vr. 21 juni (20.00) en za. 22 juni (20.00). Minitheater, Middelburg. www.zeeuwsekomedie.nl