Toneel, maar dan toch net iets anders


Gezien: Vrijdag 21 februari, restaurant The Ballroom, Vlissingen; ‘Schot in de roos’, De Zeeuwse Komedie; tekst: Billy St. John, bewerking: Aris Bremer; regie: Rianne van der Feen-Kooiman; spel: Tom Roovers, Jolanda Kasse, Marike Kerklaan, Angelique Boonman, Anneke van Jaarsveld, Annet Minderhout, Bryan Plant, Jos Broeke, Addie van de Walle, Sjef van Wijnen, Tabita Goovaarts.

Via een Cold Case, Bloody Mary, Smashed Crime en Mixed Feelings word je door het verhaal van de moord op Rutger de Roos geleid om uiteindelijk uit te komen bij de dader. ‘Schot in de roos’ is in feite een gewoon toneelstuk in het thrillergenre, maar de Zeeuwse Komedie heeft er nog net iets anders van gemaakt in de vorm van een theater- en amuse avond. Dat levert een paar uurtjes ‘beleving’ op. De toeschouwers schuiven met elkaar aan enkele grote tafels aan en krijgen voor hun neus allerlei spelscènes op wisselende locaties voorgeschoteld. Naast de zeer smakelijke amuse-gerechtjes bovendien.
Politie-inspecteur Pareis leidt ons door de ‘moordzaak Rutger de Roos’. Een complexe zaak, want die rijke Rutger was geen lieverdje en alle zeven personen in zijn directe omgeving hadden een motief om hem om zeep te brengen. Maar…..waar is het moordwapen en waar zijn de bewijzen? In één op één gesprekken met deze mensen probeert Pareis dichter bij de waarheid te komen. Als toeschouwer ga je met haar mee op deze zoektocht en begin je je allerlei dingen af te vragen. Hoe het zat met het huwelijk van Rutger met Evelien? Hoe broeierig was zijn verhouding was met zuster Acacia die allemaal occulte kunstjes beheerst? Of er ooit erotiek bestond tussen Rutger en zijn advocate Emma Boogaard? Of zijn stiefkinderen Krijn en Laura Warnaar niet heel veel dingen verborgen houden en of de tuinman Felix Maas en zijn vrouw Minie wel zo toegewijd zijn als ze doen voorkomen?
De formule blijkt te werken. Het publiek toont grote betrokkenheid en lijkt zich werkelijk het hoofd te breken over de vraag: ‘Wie heeft het gedaan?’. Wat ook werkt zijn de vaak onverwachte opkomsten van de personages die soms hevig geëmotioneerd zijn of heel mysterieus doen. Hier en daar zijn er zelfs argwanende blikken van toeschouwers die wellicht niet zo vertrouwd zijn met toneel. In de zin van ‘wat hangt me nou weer boven het hoofd’? Het spel wordt vaak dicht op de huid van de bezoekers gespeeld. Dat geeft een extra dimensie.
De meetlat van wat De Zeeuwse Komedie ooit met toneel ambieerde moet je er niet naast leggen. De tijden veranderen, maar beetje melancholie blijft. De cast bestaat uit een mengeling van nog beginnende spelers en mensen met jaren ervaring. Een wisselend niveau dus, maar met elkaar weten ze er een spannende en lollige belevenis van te maken. Vooral voor iedereen die van thrillers houdt.
‘Schot in de roos’ is nog te zien op vrijdag 6 en vrijdag 13 maart. Zie: http://www.zeeuwsekomedie.nl

Lekker lang nakauwen op ‘Een Zwarte Pool’

Spelscène met Izaäk Wondergem (Seiffert) en Wilma Selen (Lilly)

GEZIEN: Vrijdag 24 mei 2019, Minitheater Middelburg:  ‘Een Zwarte Pool’; De Zeeuwse Komedie; tekst: Karst Woudstra; regie: Marieke van Dijk; Spel: Wilma Selen, Izaäk Wondergem, Jeffrey Limburg, Mels Hoogenboom, Jolanda Kasse.

Het is zo’n stuk waar je lekker lang op kunt nakauwen en dat deden we dan ook in klein comité gisteravond direct na de première en op de terugweg naar huis. Duidelijk dus dat ‘Een Zwarte Pool’ in elk geval iets bij ons teweeg heeft gebracht. Op sommige punten blijken de meningen verdeeld. Eens zijn we het wel over de vraag of dit stuk dat in 1992 is geschreven anno 2019 nog gespeeld kan worden. Ja, waarom niet? Marieke van Dijk heeft vaardig het communisme van toen ontweken en die summiere verwijzingen naar Lech Wales, glasnost en perestrojka kan het publiek best aan. Met wat driftig gehanteerde mobieltjes erbij kan het stuk gewoon ook over mensen van nu gaan. Want daar draait het natuurlijk ook om: menselijke relaties, het mislukken daarin, onvervulde levensverwachtingen, teleurstellingen en leegheid, heel veel leegheid.

Zo zijn daar twee stellen: Lilly en Seiffert en Daan en Marguérite. Elk van hen gaat anders om hun lege leven en hun teleurstellingen. Lilly is hard, koud en gevoelloos ten opzichte van haar man Seiffert. Haar persoonlijke motor lijkt alleen nog te draaien op de lustgevoelens die zij koestert voor Daan en waar ze heel ver in gaat. Maar voor Daan hoeft het allang niet meer, hij heeft haar gedumpt. Ook de vriendschap met Seiffert lijkt hij zat te zijn. Daans enthousiasme vlamt vrijwel uitsluitend nog op als hij het over zijn kinderen en hun belevingswereld heeft. Met Lilly en Daan voel je als toeschouwer dan ook weinig verbinding. Het zijn lege, verbitterde personages die niks meer te bevechten hebben en daardoor vrij één-dimensionaal blijven. De regisseur volgt hierin ongetwijfeld ook de bedoeling van de auteur, want zo’n positieve kijk heeft Woudstra niet op de mensheid.

Seiffert manifesteert zich als zielige stumper, maar weet uiteindelijk toch ook wat mededogen op te wekken. Hij maakt als personage wel enige ontwikkeling door en als toeschouwer gun je hem de kans op ontsnapping uit zijn sombere bestaantje. Dat gaat Marguérite niet lukken. Achter al haar uitgesponnen meningen over gezond eten en leven, de angst voor de toekomst en het omgaan met elkaar schuilt een enorme onzekerheid over hoe ze als mens nou echt in het leven moet staan. De rol van Marguérite wordt vrij bombastisch neergezet, wellicht ook een keuze van de regie om de eenzaamheid en onzekerheid van deze vrouw nog wat extra te benadrukken.

Jeffrey Limburg in zijn rol van de Poolse student Zygmynt.

Een prachtig contrast met die vier uitgebluste personages biedt de Zwarte Pool, een frisse, ongecompliceerde jonge vent nog bruisend van levensvreugde. Een dankbare rol ook, omdat hij veel tegenwicht kan bieden en vol zit met spelmogelijkheden. Jeffrey Limburg wist dat alles met gretigheid en veel talent goed uit te buiten. Hij bekijkt die merkwaardige mensen om hem heen met oprechte verwondering, zonder direct een oordeel over hen te vellen, maar het lachje om zijn mond verraadt heel subtiel dat hij wel iets van ze vindt.

Het stuk zal in de loop van de opvoeringsreeks ongetwijfeld nog wat groeien in de onderlinge scherpte tussen de spelers. Vooral na de pauze in de scène met de  ‘crosstalk’ met twee dialogen door elkaar zou de snelheid nog flink omhoog moeten. Dat er nu te veel op elkaar werd gewacht, zal te wijten zijn aan premièrespanning.

De voorstelling dwingt respect af voor de keuze, de aanpak en de spelprestaties. Het stuk biedt geen happy end. Als publiek zul je tevreden moeten zijn dat er in elk geval ‘een knip’ komt in een onhoudbare situatie. En dat je op ‘Een Zwarte Pool’ dus lekker lang kunt nakauwen.

Nog te zien op: zo 26 mei (14.30), vr, 31 mei (20.00), zo 2 juni (14.30), vr. 7 juni (20.00), vr. 21 juni (20.00) en za. 22 juni (20.00). Minitheater, Middelburg. www.zeeuwsekomedie.nl